Vanessa Gattung is burgemeester van de stad Papenburg. Voor haar werk in het gemeentehuis was zij actief in het regionale bestuur, waar ze zich al bezighield met gemeentelijke en organisatorische taken. In dit interview spreekt zij over de ontwikkelingen in de stad, haar belangrijkste speerpunten tot nu toe als burgemeester en de uitdagingen voor de komende jaren.
Mevrouw Gattung, vier jaar geleden zei u dat de toekomstvisie uit 2010 niet opnieuw uitgevonden hoefde te worden, maar verder ontwikkeld moest worden en dat vooral alle stadsdelen er sterker bij betrokken moesten worden. Wat is er sindsdien concreet gerealiseerd? Is er inmiddels een bindende toekomstvisie – en waar werpt deze meetbaar haar vruchten af?
Ik vond het destijds belangrijk dat een toekomstvisie niet alleen een papieren tijger blijft die goed klinkt, maar in het dagelijks leven geen rol speelt. Daarom hebben we veel zaken bewust in de praktijk verder ontwikkeld. Een groot speerpunt was om alle stadsdelen er sterker bij te betrekken en ontmoeting weer centraler te stellen. Dat is vandaag de dag op veel plekken te zien: bij de ‘Papenburger Meilen’ (stadsfeesten), de kerstmarkt aan het Hauptkanal, en bij evenementen zoals de Brigg Party, het Stadparkfestival of de concertzomer. Dit zijn niet zomaar evenementen – ze brengen mensen samen en zorgen ervoor dat er weer meer leven in de stad is. Tegelijkertijd hebben we vrijwilligerswerk en maatschappelijke inzet beter zichtbaar gemaakt. Met de ‘Stadtheroes’ zeggen we bewust dankjewel voor het werk dat vaak op de achtergrond wordt verzet.
Ook structureel is er veel veranderd. Met het jeugdforum, het spreekuur voor kinderen en jongeren en het kinder- en jeugdbureau hebben we de burgerparticipatie een nieuwe vorm gegeven. Mensen moeten hun stad niet alleen kunnen ervaren, maar ook kunnen meegeven. Daarnaast is er de concrete stadsontwikkeling: het goederenstation als nieuwe evenementenlocatie, de Nordhafen, nieuwe ontmoetingsplekken, investeringen in de verblijfskwaliteit en projecten in de stadsdelen. Voor mij blijkt het effect van een toekomstvisie niet uit het feit of deze opnieuw geformuleerd wordt, maar uit het feit of mensen voelen dat hun stad zich doorontwikkelt en of zij zich daarin herkennen.
U benadrukte destijds dat niet alleen het Obenende, maar alle stadsdelen in gelijke mate gestimuleerd moeten worden. Waar ziet u vandaag de dag vooruitgang – en waar is nog steeds werk aan de winkel?
Je merkt inmiddels duidelijk dat ontwikkeling niet meer alleen op specifieke locaties plaatsvindt. Aan het Hauptkanal und in het Untenende is er weer meer leven ontstaan – met nieuwe concepten voor de verblijfskwaliteit, de Papenburger Meilen, de doorlopende kerstmarkt en de concertzomer, die mensen naar alle stadsdelen brengt. Tegelijkertijd is er direct in de stadsdelen geïnvesteerd, zoals in Aschendorf met de ontmoetingsplek voor generaties (‘Generationentreff’) of in het Obenende met vrijetijdsvoorzieningen zoals het Bike Park. Er liggen echter nog steeds grote uitdagingen. Veel straten verkeren in een slechte staat. Ook bij de gemeentelijke riolering en waterafvoer is er een aanzienlijke investeringsbehoefte. Bovendien moeten de dorpskernen verder worden versterkt, aangezien binnensteden en de detailhandel sterk veranderen. Het verschil is in mijn ogen dat deze thema’s tegenwoordig strategisch en stap voor stap worden aangepakt.
Ook op het gebied van economisch beleid wilde u de focus verbreden en kleine en middelgrote ondernemingen sterker betrekken. Welke concrete projecten zijn daaruit voortgevloeid?
We hebben de economische stimulering heringericht – met een sterkere focus op start-ups, locatiemarketing en het aantrekken van vakkrachten voor Papenburg. Er zijn zeer concrete projecten gerealiseerd: het Giese-terrein kon na jaren van stilstand worden aangekocht en biedt nu nieuwe investeringsmogelijkheden. Het voormalige Bunte-areaal wordt ontwikkeld tot een moderne woonwijk. In de Bokeler Bogen wordt fors geïnvesteerd en er wordt een nieuwe bedrijfslocatie gecreëerd. Ook in de haven heeft zich veel ontwikkeld. De renovatie van de sluis is voortgezet, de goederenoverslag is met zo’n 34 procent gestegen en de Nordhafen is verder ontwikkeld. Economie vindt echter niet alleen plaats op bedrijventerreinen. Ook aan het Hauptkanal en in de dorpskernen zijn veranderingen zichtbaar: leegstand wordt teruggedrongen, er ontstaan nieuwe concepten en de stad reageert actief op de veranderingen in de detailhandel. Ook particuliere vrijetijdsvoorzieningen, zoals een paintballfaciliteit, zijn mogelijk gemaakt. Een van de grootste veranderingen is echter de bestuurscultuur. Sinds twee jaar werken we in nieuwe structuren en we zijn als pioniersgemeente landelijk onderscheiden. Weg van het “dat kan niet”, toe naar een cultuur van mogelijk maken. Zo kunnen we in de toekomst een nog sterkere partner voor het bedrijfsleven zijn.
U zei destijds: “Klimaatbescherming kan niet wachten.” In het voorjaar van 2026 werden de meest extreme IPCC-scenario’s (zoals RCP8.5 / SSP5-8.5) officieel als niet meer aannemelijk geclassificeerd. Hoe gaat u met deze ontwikkeling om, en welke vorm van een pragmatisch duurzaamheidsbeleid streeft u in de toekomst na voor Papenburg?
Voor mij verandert dit weinig aan onze verantwoordelijkheid. Ons doel om tegen 2030 klimaatneutraal te zijn, blijft overeind. Dat hebben we samen in de gemeenteraad besloten en ik denk nog steeds dat dit de juiste weg is. Belangrijk vind ik daarbij een pragmatische en dagelijks toepasbare klimaatbescherming – niet ideologisch, maar zo dat inwoners en bedrijven erin mee kunnen gaan. Veel gevolgen ervaren we immers al concreet: hevige regenval, hittegolven en uitdagingen bij de waterafvoer zijn geen theoretische discussies meer. Daarom zetten we in op praktische oplossingen: de uitbreiding van de energiecoöperatie, circulaire economie in de haven, betere klimaatadaptatie, waterbeheer, het ontharden van de bodem en een moderne infrastructuur.
De Meyer Werft is een van de belangrijkste werkgevers in de regio en tegelijkertijd sterk afhankelijk van wereldwijde ontwikkelingen. Hoe beoordeelt u de huidige situatie van de werf?
De Meyer Werft is en blijft enorm belangrijk voor Papenburg – economisch gezien en ook voor de identiteit van de stad. Tegelijkertijd laten de huidige ontwikkelingen zien hoe sterk wereldwijde veranderingen industriële bedrijven beïnvloeden. Daarom is het belangrijk dat wij als stad betrouwbare randvoorwaarden creëren: een goede infrastructuur, snelle procedures, een aantrekkelijk woningaanbod en een stad waar vakkrachten graag wonen. Daarom investeren we niet alleen in bedrijventerreinen, maar ook in de levenskwaliteit. Vakkrachten kiezen tegenwoordig niet meer alleen voor een baan, maar voor een complete woonplaats. Tegelijkertijd moeten we economisch breder opgesteld zijn. Daarom versterken we bewust ook de haveneconomie, nieuwe bedrijven, energieprojecten en start-ups. Economische kracht betekent voor mij ook meer veerkracht en onafhankelijkheid.
Met het oog op de komende verkiezingen: wat zou u vandaag de dag anders aanpakken dan aan het begin van uw ambtstermijn?
Ik zou bepaalde zaken tegenwoordig eerder en duidelijker communiceren. In de eerste jaren ging het er vaak om structuren te ordenen en processen te moderniseren. Veel daarvan was belangrijk, maar niet altijd meteen zichtbaar. Tegenwoordig zou ik veranderingen proactiever uitleggen. Tegelijkertijd ben ik ervan overtuigd dat we een stabiele basis hebben gelegd – ondanks corona, de energiecrisis en moeilijke economische omstandigheden. Nu gaat het erom deze ontwikkeling consequent voort te zetten. Ik stel me opnieuw kandidaat omdat ik ervan overtuigd ben dat Papenburg nog veel potentieel heeft en ik deze weg actief wil blijven vormgeven. Daarvoor is echter ook een gemeenteraad nodig die deze koers steunt. Goede besluiten ontstaan immers altijd samen.
Mevrouw Gattung, hartelijk dank voor dit gesprek.