Een klein stadje met groot lef voor de leemte: in 1974 hing het Nederlandse stadje Winschoten zichzelf gewoon een nieuw bord aan de deur van het gemeentehuis. De tekst? „VN-stad” Van een officiële wereldtitel uit New York of een feestelijke resolutie van de Algemene Vergadering van de VN wist men aan de andere kant van de Atlantische Oceaan niets. Het idee kwam van de stad zelf, niet van New York. Burgemeester John te Loo legde de krant de reden uitstekend eenvoudig uit: hij wilde de gewone burger duidelijk maken waar de Verenigde Naties goed voor zijn. De New York Times wijdde er geen enkele regel aan.

Helemaal zonder steun stond de Oost-Groningse gemeente daarbij niet. Bij de opening op 24 oktober 1974 reisde Michael Popovic, de chef van het VN-informatiebureau in Londen, daadwerkelijk af om de toenmalige VN-secretaris-generaal Kurt Waldheim te vertegenwoordigen en de plaat feestelijk te onthullen. Dat Winschoten deze lijn naar Londen überhaupt had, was te danken aan een beroemde zoon van de stad: Dirk Uipko Stikker. De geboren Winschoter was opgeklommen tot secretaris-generaal van de NAVO – en gebruikte zijn internationale contacten om zijn geboortestad wat glans te geven. Zulke informatiebureaus hadden de taak om de doelen van de organisatie te promoten. Het was een informele, wederzijds voordelige actie tussen een klein stadje en het lokale VN-bureau, waarbij beide partijen er iets aan hadden: de stad aandacht en prestige, het bureau een geslaagd promotie-evenement. Een officiële, door de Algemene Vergadering van de VN verleende titel „VN-stad” met vaste criteria, rechten of plichten bestond daarentegen nooit – anders dan bijvoorbeeld bij UNESCO met haar geregelde procedure voor werelderfgoed.

Het grote feest bij de inwijding

Rondom de onthulling had de stad een kleurrijk programma bedacht om de burgers mee te slepen: aan alle 14 toegangswegen herhaalden schoolkinderen de ceremonie bij kleinere borden en vlaggen. Het plaatselijke kamerkoor zong het VN-hymne en de vroegere EU-commissievoorzitter Sicco Mansholt overhandigde in het cultureel centrum milieu-onderscheidingen aan jongeren. Direct in het kader van deze openingsviering werd ook een inzamelingsactie in het leven geroepen: de burgers moesten geld inzamelen voor het toen zwaar getroffen Bangladesh, om daar de opleiding van verpleegsters te financieren. Zo wilde men de nieuwe titel meteen een concrete hulp laten volgen. En dat lukte: de inzameling werd het enige duurzame succes van het project. Trots 16.000 gulden kwam er binnen. Wat er daarna precies met het geld is gebeurd, is vandaag niet meer openbaar te achterhalen.

Maar afgezien van deze inzamelingsactie haalde de alledaagse realiteit de ambities al snel in. Een enquête van de plaatselijke pedagogische academie toonde een jaar later een ontnuchterend beeld: 74 procent van de Winschoters wist niet wat de titel moest betekenen, 95 procent had sinds het openingsfeest niets meer van activiteiten gehoord – en bijna de helft van de bevolking wist niet eens wat de Verenigde Naties überhaupt zijn. Dat kwam vooral doordat op de eenmalige feestdag geen duurzame programma’s of vaste taken volgden.

De tijdsindeling maakt het verhaal bijzonder treffend: terwijl de stad zich wereldpolitiek in scène zette, stortte tegelijkertijd de plaatselijke strocartonindustrie in, volgden massale ontslagen, en belegerden meer dan tienduizend demonstranten het station van Winschoten uit protest tegen de werkloosheid. Toen prinses Beatrix en prins Claus de regio in 1975 bezochten, spraken beiden openlijk over een noodgebied met grote onzekerheid. Een stad in economische neergang die zich tegelijk tot speerpunt van de wereldpolitiek verklaarde – dat is eigenlijk de echte pointe van het verhaal. Dat de gemeente juist in deze economisch gespannen periode over de eigen schutting heen durfde te kijken, getuigt van een opmerkelijk optimisme. In 1983 wilde de stad er nog een schepje bovenop doen en als eerste Nederlandse gemeente ooit toetreden tot de wereld-federalistenbeweging, samen met steden als New York, Tokio en Ottawa. Voorwaarde daarvoor was om zich eerst tot kernwapenvrije gemeente te verklaren. In 1984 volgde deze volgende stap in de geest van de tijd, en onder het VN-bord prijkte nu een tweede plakkaat als symbolisch protest.

Een erfenis die doet glimlachen

Tegenwoordig hoort Winschoten bij de fusiegemeente Oldambt. Het kernwapenvrije bord rust goed bewaard in het archief van de plaatselijke heemstichting Stichting Oud Winschoten. Stikker zelf ligt sinds 1979 begraven op de Winschoter begraafplaats aan de Acacialaan, waarbij zijn graf in 2016 bijna geruimd zou worden. Een voorbijganger ontdekte destijds een sticker op de grafsteen met de aankondiging dat de grafplaats geruimd zou worden. De bezorgde burger meldde zich bij het gemeentehuis, maar kreeg daar alleen te horen dat men wel wist wie daar lag, maar er niets aan kon doen – iedereen moet betalen, ook als de koning er zou liggen. Door verschillende acties kon de ruiming uiteindelijk worden voorkomen.

En de eretitel? Die blijft een van de charmantste anekdotes uit de Nederlandse gemeentelijke geschiedenis. Uiteindelijk volgde in 1986 het Duitse Eckernförde aan de Oostzee het voorbeeld en verklaarde zich op precies dezelfde informele manier tot „tweede VN-stad van de wereld”. Nummer één blijft Winschoten voor altijd. Men kan over de actie glimlachen, maar in de kern was het dezelfde mechaniek als achter elke brigade-vlag die in de DDR boven afbrokkelende gevels hing: sinaasappelen zijn er niet, het stucwerk valt van de muren, maar de vlag hangt, de leus prijkt aan de muur, en zo is het socialisme zegevierend vormgegeven. Het verschil met Winschoten is alleen dat in 1975 een krant nog heel vanzelfsprekend kon schrijven dat 95 procent van de burgers van de hele actie niets had meegekregen, en niemand de stad dat kwalijk nam.

Tegenwoordig zou dat moeilijker zijn. Wie een gemeente bekritiseert die zich tot klimaatstad of welkomststad verklaart, terwijl er achter nauwelijks meer steekt dan een bord en een persbericht, raakt snel in de verdenking tégen de goede zaak zelf te zijn, en niet tégen de symboolpolitiek erachter. Winschoten had daar in 1975 een voordeel: men kon openlijk zeggen dat de keizer geen kleren aan had, zonder meteen als cynicus te worden gezien.

 

De Verhalen van Groningen: “Winschoten eerste VN-stad ter wereld”
https://www.deverhalenvangroningen.nl/alle-verhalen/winschoten-eerste-vn-stad-ter-wereld
ister):

RTV Noord: “Oud-burgemeester van Winschoten John te Loo overleden”
https://www.rtvnoord.nl/nieuws/176329/oud-burgemeester-van-winschoten-john-te-loo-overleden

Zu Kurt Waldheim (UN-Generalsekretär):

UN.org: Kurt Waldheim, Former Secretary-General
https://www.un.org/sg/en/former-sg/kurt-waldheim

Wikipedia (deutsch): Kurt Waldheim
https://de.wikipedia.org/wiki/Kurt_Waldheim

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *